Case

Proeftuinen Ouderenzorg

Inzichten krijgen in nieuwe vormen van samenwerking door verschillende perspectieven bij elkaar te brengen via leren en faciliteren

Vraagstuk

Het doel van het project Proeftuinen Ouderenzorg is om zorgorganisaties te ondersteunen en inzicht te bieden bij de veranderde zorgvraag in de VVT. In veel zorgorganisaties wordt gezocht naar de optimale mix van teams met het oog op kwaliteit van zorg en in het licht van veranderende zorgvragen. In hoeverre dragen nieuwe samenstellingen bij aan de kwaliteit van zorg? Welke invloed hebben contextfactoren hierop? Proeftuinen Ouderenzorg ontwikkelt hierin inzicht door verschillende perspectieven samen te brengen in een landelijk samenwerkingsverband met relevante partijen. Wat het project bijzonder maakt is dat partijen in het project deelnemen vanuit leren en faciliteren. Elke deelnemer heeft een eigen leervraag geformuleert en zich bereid verklaart anderen binnen het project te faciliteren met de kennis waarover hij vanuit zijn perspectief beschikt. De hoofdvraag binnen het project is:

”In hoeverre leidt de inzet van gevarieerde teams in de langdurige ouderenzorg tot meer kwaliteit van zorg en betere kwaliteit van leven voor cliënten? En welke invloed heeft dit op de tevredenheid van medewerkers?”.

V&VN is initiatiefnemer van dit unieke project, waarvoor VWS de financiële middelen beschikbaar heeft gesteld. Wetenschappelijk evaluatie onderzoek middels casestudy wordt uitgevoerd door het Nivel. CC zorgadviseurs is bij het project betrokken: Roland Peppel als projectleider, Desiree Bierlaagh als gids van de leerateliers en Charlene van Belle als projectmedewerker.

Klantvraag

In het project Proeftuinen Ouderenzorg staat leren vanuit verschillende perspectieven centraal. Het doel is primair om te leren over de manier waarop keuzes tot stand komen in teamvariatie en hoe die keuzes zijn gerelateerd aan kwaliteit van zorg en medewerkertevredenheid. Welke strategische keuzes worden gemaakt, welke interventies worden ingezet en hoe worden randvoorwaarden geschapen om tot een optimale mix te komen zowel op strategisch als op operationeel niveau. Proeftuinen Ouderenzorg is dus geen implementatieproject dat beoogt om een verandering in organisaties te bewerkstelligen, maar richt zich op het opdoen van inzichten over de manier waarop de verandering tot stand komt, vanuit welke uitgangspunten of waarden en met welk resultaat.
De transitie in de langdurige zorg vraagt van zowel bestuurders, management als professionals een nieuwe manier van kijken naar en organiseren van de zorg.

De vragen waar in het project inzicht op verkregen wordt, zijn:

  • Welke thema’s zijn van belang bij het zoeken naar de optimale mix van medewerkers in tijden van transitie?
  • Welke nieuwe vormen van samenwerking, communicatie en coördinatie zijn noodzakelijk om de transitie handen en voeten te geven?
  • Wat betekent de transitie voor de rollen van professionals en welke (nieuwe) competenties hebben zij nodig De positie en rol van cliënten en mantelzorgers verandert en daarmee de traditionele grenzen tussen informele en professionele zorg. Tot welke nieuwe vragen leidt dit?
  • Hoe zijn factoren in de context van het leeratelier van invloed op het succes van de gekozen teamvariatie
  • Welke inspirerende voorbeelden zijn er in de praktijk?

Projectomschrijving en methodiek

In het project Proeftuinen Ouderenzorg worden zeven leerateliers gedurende ruim anderhalf jaar gevolgd in hun ontwikkeling. Een leeratelier is een groep zorgprofessionals die nieuwe vormen van samenwerking aangaat met als doel kwaliteit van leven van cliënten te realiseren. Naast verpleegkundigen en verzorgenden, kunnen ook andere disciplines zoals huisartsen, SPH’ers, mantelzorgers en vrijwilligers onderdeel uitmaken van het leeratelier. In een aantal leerateliers participeert de cliënt en familie actief in het leeratelier, in het zoeken naar passende vormen van samenwerking in. In de volgende zorgorganisaties is gedurende het project een leeratelier actief: ActiVite, Cordaan, Evita Zorg, Saxenburgh Groep, Zinzia Zorggroep, Zorgspectrum en ZuidOostZorg.

De opbouw van drie leerniveaus zijn kenmerkend aan Proeftuinen. Het eerste leerniveau is het leren binnen het eigen leeratelier. In het tweede leerniveau, het Netwerk Leerateliers, wordt de verbinding tussen deze leerateliers gelegd. De zeven leerateliers komen gedurende het traject 6x bij elkaar in het Netwerk Leerateliers voor uitwisseling, het leggen van verbindingen, het onderzoeken van onderlinge verschillen en het volgen van workshops rondom gezamenlijke thema’s.

Het laatste leerniveau is het Landelijk Leernetwerk, bestaande uit zo.n 25 verschillende stakeholders zoals cliëntorganisatie(s), onderwijsinstellingen, overheidsinstellingen, zorgorganisaties en wetenschap- en beroepsorganisaties. Het Landelijk Leernetwerk komt 6 keer bijeen. Tijdens de bijeenkomsten brengen stakeholders leervragen in die te maken hebben met de huidige transitie in de zorg, zodat deze in dialoog vanuit nieuwe perspectieven kan worden bekeken. Het verstaan van elkaars perspectief draagt wezenlijk bij aan het vormgeven van radicale veranderingen in de VVT.

De beoogde impact

Het projectopzet beoogt inzicht te bieden in de wijze waarop in het veld antwoorden worden gevonden op vragen en belangrijke uitdagingen die de veranderingen in de VVT sector met zich meebrengen. Dit vindt plaats door het op gang brengen van een proces van gezamenlijk en wederzijds leren via de dialoog op micro, meso en macroniveau en tussen deze niveaus.

Deelnemers van het project noemen zelf als belangrijke meerwaarde dat het project verdiepend inzicht geeft in het ontwikkelproces binnen het leeratelier en in de organisatie. Er ontstaat inspiratie en geeft binnen de leerateliers en in hun netwerk praktische handvatten door goede voorbeelden en uitwisseling. Het leren vanuit de dialoog waarin verschillende bestuurlijke perspectieven in het landelijk netwerk elkaar ontmoeten in het landelijk leernetwerk creëert nieuwe dynamiek in de samenwerking tussen deelnemende partijen.

Een typisch CC project

Dit project sluit goed aan op de visie van CC waarbij kennis delen en ervaringen uitwisselen een belangrijk onderdeel vormen van het lerend vermogen van individuen en organisaties. Door het systematisch organiseren van reflectie gebaseerd op fourt genaration evaluation wordt bestaande kennis doorgrond en ontstaat de mogelijkheid nieuwe kennis te creëren. Het verbinden van het eigen perspectief met dat van andere kennisdragers is onmisbaar bij continue verbeteren en het komen tot nieuwe oplossingen.

Tools

Op elk leerniveau vormt de dialoog het uitgangspunt en is gekozen voor werkvormen die deze dialoog mogelijk maken.

  • Gidsgesprekken met de leerateliers gebaseerd op principes van action learning en appreciative inquiry.
  • Netwerk Leerateliers dat vanuit eigenaarschap van de leerateliers over de inhoud invulling krijgt in samenwerking met partners uit het landelijke leernetwerk.
  • Landelijk Leernetwerk: Dialoogtafels voor bestuurders en stakeholders waarbij inzichten vanuit de leerateliers worden benut.