Blog

Nurse Governance Structure: een mooie uitdaging!

Vormgeving van Nurse Governance Structure (NGS) ondersteunt krachtig de ontwikkeling van de verpleegkundige professie én de invloedrijke positie en rol van Verpleegkundige Adviesraden (VAR). Binnen Magnet Hospitals heeft NGS een voor de Nederlandse situatie aansprekende vorm gekregen. Op dit moment begeleidt CC zorgadviseurs diverse zorgorganisaties hoe dit model een passende invulling te geven. Daarbij richten we ons niet alleen op de VAR zelf of op enkel de verpleegkundige beroepsgroep, maar ook op de organisatie als geheel.

Kernprincipe Nurse Governance Structure

Het kernprincipe binnen NGS is dat het eigenaarschap van enerzijds (operationeel) management en anderzijds de invulling van de professionele inhoud van elkaar worden losgekoppeld. Tot op dit moment ligt het eigenaarschap, en daarmee ook de besluitvorming rond beide thema’s, in de lijnorganisatie en worden professionals op zeer diverse wijze – en in verschillende mate (veelal beperkt) bij de invulling van hùn professionele inhoud betrokken.

Hoewel het vanuit de organisatie bezien begrijpelijk is dat de besluitvorming op beide thema’s in de lijnorganisatie is belegd, daarbinnen zijn immers traditioneel de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden verdeeld, heeft deze inrichting ook nadelige gevolgen: het stimuleert nauwelijks de betrokkenheid van verpleegkundigen bij de organisatie omdat “men doet wat wordt opgedragen”. Daarnaast belicht de inrichting slechts een deel van de verantwoordelijkheid die iedere medewerker heeft: enkel de functionele verantwoordelijkheid, die voortvloeit uit de taak-functieomschrijving van de desbetreffende medewerker.

Beroepsmatige verantwoordelijkheid van verpleegkundigen

Behalve functionele verantwoordelijkheid hebben professionals ook een beroepsmatige verantwoordelijkheid. Professionals zijn beroepsbeoefenaren die verantwoordelijk zijn voor het eigen handelen en het resultaat daarvan. Om deze verantwoordelijkheid te kunnen dragen, moet de professional zicht op en zeggenschap hebben over het eigen handelen en eigen werkproces. En daar wringt de schoen.

Voor een deel ligt dit spanningsveld ook bij de beroepsgroep zelf: een deel van de beroepsgroep lijkt of is zich weinig bewust van het feit dat zij professional zijn en dat aan deze professionaliteit zowel rechten als verplichtingen vastzitten. Het deel van de beroepsgroep dat dit besef onvoldoende heeft, zal zich ook niet als professional gedragen… en daarom ook niet als professional worden gezien. Het andere deel van de beroepsgroep wil de professionaliteit terdege uitdragen en is zoekende op welke manier zij optimaal tot hun recht kunnen komen.

Hoe positioneren?

De verpleegkundige beroepsgroep kan zich positioneren door duidelijk te maken welke meerwaarde zij hebben voor de patiëntenzorg, waar de beroepsgroep als professie voor staat. Op dat moment gaat het ook om ruimte te nemen voor je professionaliteit door daarvoor verantwoordelijkheid te nemen.

Dat betekent nogal wat, want het vraagt om een andere mindset ten aanzien van de eigen professie bij (een deel van) de verpleegkundige beroepsgroep en ook een andere mindset binnen de organisatie ten aanzien van de verpleegkundige beroepsgroep en de manier waarop de organisatie de kracht van verpleegkundigen optimaal kan benutten. Kort gezegd: met verpleegkundigen in gesprek gaan in plaats van over verpleegkundigen te praten.

Rol van de VAR

De VAR kan in dit proces een belangrijke rol spelen. Een rol die min of meer vanzelfsprekend boven komt drijven, aangezien de VAR traditiegetrouw het beroepsinhoudelijk perspectief al vertegenwoordigt vanuit de adviesrol.

Vormgeving van NGS betekent echter meer dan adviseren alleen. Het betekent dat de VAR zich op alle niveaus binnen de organisatie moet bewegen, nadrukkelijk de afstemming moet zoeken met de lijnorganisatie en structurele verbinding moet creëren met de eigen beroepsgroep.

Kortom

NGS is daarbij een veelbelovend hulpmiddel, doordat het concreet invulling geeft aan vormgeving van een georganiseerde beroepsgroep, die verantwoordelijkheid neemt voor de eigen beroepsinhoud. Daarnaast biedt het model ook een heldere structuur voor samenwerking en verbinding tussen professionals onderling, maar ook tussen professionals en de lijnorganisatie. En dat is zeer wenselijk omdat een goed resultaat uiteindelijk alleen kan worden behaald met betrokkenheid en inspanning van iedereen.